TENS en EMS zijn twee doeltreffende behandelingen die zwakke elektrische impulsen gebruiken. Hoewel beide toestellen gemakkelijk te gebruiken zijn en min of meer op dezelfde manier werken, is er een wezenlijk verschil tussen TENS en EMS.

Het belangrijkste verschil is dit: TENS (Transcutane Elektrische Neurostimulatie) richt zich op de zenuwen en EMS (Elektrische Spierstimulatie) op de spieren. Via zorgvuldig geplaatste elektroden stuurt een TENS-apparaat kleine impulsen naar een bepaalde zenuw, zodat die zenuw het pijnsignaal niet langer naar de hersenen doorgeeft. EMS werkt in op de spier: de elektrische impuls doet de spier samentrekken. Dat verlicht enerzijds ontstekingspijn, maar de samentrekking versterkt ook de spier en verbetert de doorbloeding.

TENS werkt dus vooral pijnstillend, terwijl EMS de spieren stimuleert en versterkt.

Combinatie van TENS en EMS voor betere, langdurige resultaten

Door het verschil tussen TENS en EMS vullen de twee behandelingen elkaar goed aan en worden ze vaak samen gebruikt. TENS zorgt ervoor dat de pijn stopt, terwijl EMS specifiek helpt bij de spieropbouw. Een betere spierspanning en stabiliteit helpen je lichaam om beter met pijnklachten om te gaan en ze in de toekomst zelfs te voorkomen.

×